Ervaring met duo-onderwijs, regulier en speciaal

“Met zijn hoofd is gelukkig alles goed maar onze zoon van 7 is lichamelijk volledig afhankelijk van anderen.” Instromen op een school voor speciaal onderwijs was, toen hij 4 jaar werd, volgens ouders zeker een voordeel omdat hij daar alle therapie kon volgen en niet het enige kind was in een rolstoel. Omdat ouders ook heel graag wilden dat hun zoon zou meedraaien in de ‘gewone’ wereld en hij naast een speciale crèche ook altijd met plezier naar een reguliere crèche was gegaan, zijn zij op zoek gegaan naar een school in de wijk. Er werd een school gevonden waar hij op woensdagen en donderdag naar toe mocht. Na verloop van tijd bleek het niveau van de reguliere school hoger te liggen dan op de mytylschool waardoor ouders alleen nog maar blijer waren met de combinatie van scholen. Van zijn hoofd moest hij het immers hebben!

Ondersteuning op school

Meedraaien op de reguliere school kon echter alleen wanneer ouders zorg zouden dragen voor de 1-op-1 begeleiding en de plaatsing op twee scholen niet te veel extra tijd en afstemming zou kosten van beide leerkrachten. Na wikken en wegen besloten ouders een groot deel van hun PGB hiervoor in te zetten omdat zij zo overtuigd waren van de meerwaarde van regulier onderwijs. Door de continue begeleiding heeft de juf op de reguliere school verder geen omkijken naar de jongen.

Terug van 3 naar 1 dag

De situatie veranderde helaas vlak voordat de jongen zou starten in groep 3. Ouders kregen te horen dat de scholen overeengekomen waren dat het beter was wanneer de plaatsing teruggebracht zou worden naar 1 dag. “Hun argument was dat de kinderen in groep 3 echt zouden moeten gaan leren en het voor twee scholen te ingewikkeld en belastend zou worden om de verantwoordelijkheid voor de lesstof af te stemmen.” “Wij hadden de constructie graag gehouden zoals ‘ie was maar legden ons neer bij de beslissing omdat wij de resterende dag niet op het spel wilden zetten.” Theoretisch hadden de onderwijsconsulenten ingeschakeld kunnen worden of de Geschillencommissie Passend Onderwijs. Ouders willen er geen conflict van maken omdat het de goede verhoudingen zou kunnen schaden en zij hun zoon liefst de gehele basisschoolperiode van beide scholen willen laten profiteren.
Ouders zijn ook blij. “Eén dag is beter dan niets en het gaat erg goed. Hij doet met alles mee en zijn assistent helpt hem, maar soms wordt de hulp ook door een klasgenoot geboden. Hij doet zelfs mee met de avondvierdaagse, had een belangrijke rol in een toneelstuk en wordt uitgenodigd voor verjaardagsfeestjes.”

Toekomstperspectief

Ouders vinden het wel jammer dat de constructie alleen maar mogelijk is doordat zij zelf de begeleiding bekostigen. Ouders voelen zich, met alle veranderingen in de zorg, onzeker over de toekomst. “Het gaat niet alleen om het sociale aspect, want ik denk dat hij meer leert op de reguliere school, al moet ik zeggen dat de mytylschool het beter doet nu ze zijn gefuseerd met een andere school en meer nadruk gelegd wordt op de cognitieve ontwikkeling.“ “Wij hebben nooit goed begrepen waarom het, in het belang van een kind, niet mogelijk is om een deel van het potje geld van de ene school over te dragen aan de andere school. Zou het te maken hebben dat de mytylschool, sinds de start van Passend Onderwijs, ook bang is voor leegloop?
“Omdat onze zoon eigenlijk ook ‘te zwaar’ was voor de mytylschool hebben wij destijds extra PGB gekregen dat vervolgens op de mytylschool wordt ingezet. Nu de AWBZ vervangen is door de Wet Langdurige Zorg is het echter nog maar de vraag of onze zoon wel in aanmerking komt voor dit extra budget. We hebben een brief van het Zorgkantoor dat zijn budget nog een jaar wordt voortgezet, maar of de gemeente dit in de toekomst overneemt? We weten het niet.”