Chronisch zieke Claire van den Helder pleit voor hybride onderwijs

Chronisch zieke Claire van den Helder pleit voor hybride onderwijs

De opheffing van de anderhalve meter maatregel was voor veel studenten een opluchting, maar niet voor de chronisch zieke Claire van den Helder. Ze pleit er op de journalistieke website OneWorld voor om niet te kiezen voor digitaal óf offline onderwijs, maar om te kiezen voor een tussenoplossing: hybride onderwijs. ‘Zo’, zegt Claire, ‘wordt er niemand buitengesloten'.

De chronisch zieke student Claire van den Helder pleit er op de journalistieke website OneWorld voor om online onderwijs te behouden. In haar op 20 augustus 2021 geplaatste opinie zegt ze dat onderwijs toegankelijk moet zijn voor álle studenten. Daarbij beroept ze zich op het VN-verdrag handicap. Uit dit verdrag vloeit voort dat het recht op onderwijs moet worden verwezenlijkt zonder discriminatie op basis van handicap. Mensen denken bij toegankelijkheid volgens Claire al snel aan de toegankelijkheid van gebouwen en (college)zalen voor bijvoorbeeld rolstoelgebruikers. Maar toegankelijkheid is meer dan dat, zegt Claire. Het onderwijs zelf moet ook zijn ingericht op mensen met een functiebeperking zoals concentratieproblemen of een lichamelijke beperking. 

Gelijkwaardige behandeling 

Alleen al in het hoger onderwijs heeft een op de drie studenten een dergelijke beperking. Ze kunnen niet mee in het tempo van de opleiding. Zo kostte het Claire bijvoorbeeld zoveel energie om naar college te gaan dat ze soms geen energie meer over had om zich te douchen. Een student met een functiebeperking kan indien nodig wel voorzieningen aanvragen, zoals extra tijd voor tentamens of extra herkansingen. Claire wijst erop dat zo’n aanvraag in de praktijk kan worden afgewezen en dat het continu moeten vragen om voorzieningen de toegankelijkheid van het onderwijs niet ten goede komt. Ze stelt: ‘Als niet-gehandicapte personen bij elke deur zouden moeten vragen om een deurknop, dan zou daar in één keer op universele schaal een oplossing voor komen. Als personen met een beperking om vergelijkbare voorzieningen vragen wordt er eerst eens stevig onderzocht waarom dat noodzakelijk zou zijn.’ Hier is volgens Claire geen sprake van gelijkwaardige behandeling, maar van discriminatie van mensen met een beperking, oftewel validisme.

Onderwijs toegankelijker dan ooit

Tijdens de coronacrisis bood de universiteit van Claire online colleges aan, net als online werkgroepen, de mogelijkheid om tentamens online te maken en ‘hybride colleges’ te volgen: een maximaal aantal studenten is fysiek aanwezig, de rest doet mee via de livestream. Door het digitale lesaanbod kon Claire haar studie culturele antropologie op dezelfde manier volgen als ieder ander. Zo kon ze de colleges vanuit haar bed bijwonen met haar laptop op schoot. Vrienden met een functiebeperking waren net zo opgelucht als Claire. Dankzij de online voorzieningen maakte corona het onderwijs voor hen toegankelijker dan ooit. Maar zodra het weer kon, begonnen onderwijsinstellingen met het afschalen van hun online aanbod. 

Gehandicapte studenten buitensluiten

Voor veel studenten was dat een verademing, maar niet voor studenten zoals Claire. Claire schrijft: ‘[I]k vind het onaanvaardbaar dat ‘terug naar normaal’ betekent dat gehandicapte studenten opnieuw worden buitengesloten, terwijl er een prima, hybride, tussenvorm is.’ Individuele studenten moeten volgens haar niet verantwoordelijk zijn voor de toegankelijkheid van hun eigen onderwijs. De verantwoordelijkheid daarvoor hoort bij de onderwijsinstellingen en de overheid, zoals bijvoorbeeld ook wordt onderstreept in een adviesrapport van het College voor de Rechten van de Mens uit 2020. Door geen aanpassingen te doen die de toegankelijkheid bevorderen (in dit geval het behoud van online onderwijs) blijft systemisch validisme volgens Claire in stand.  

Lees de gehele opinie van Claire op de website van OneWorld.

Advies College voor de Rechten van de Mens over het recht op onderwijs, 2 november 2020.