Lettergrootte - +
Contrast - +

Geen recht op inclusief onderwijs voor grote groep kinderen

Veel kinderen hebben vanwege een beperking of ziekte grote problemen in het Nederlandse onderwijs. Dat blijkt uit een analyse van ervaringsverhalen door In1school, een project van de Nederlandse Stichting voor het Gehandicapte Kind (NSGK). Het blijkt moeizaam voor ouders en school om goede ondersteuning en onderwijs op maat te organiseren en te financieren. Een grote groep kinderen kan daardoor niet naar de reguliere school van hun keuze of komt zelfs thuis te zitten.

Kinderen met en zonder beperking moeten samen naar één school kunnen gaan. Een toegankelijke school van eigen keuze en in de buurt die ondersteuning en zorg biedt als het nodig is. Dit recht op inclusief onderwijs, neergelegd in het VN-verdrag voor de rechten van het kind (IVRK) en het onlangs geratificeerde VN-verdrag voor de rechten van personen met een handicap (IVRPH), wordt op dit moment structureel geschonden in Nederland. Tot die conclusie komt In1school in het rapport ‘Schendingen recht op inclusief onderwijs’. Het rapport is gebaseerd op ruim 90 casussen, het bestuderen van statistiek en beleid en gesprekken met ouders en (onderwijs)professionals. Met het rapport wil In1school samen met ouders en jongeren, onderwijs, belangenorganisaties en experts verandering naar inclusief onderwijs op gang brengen.

Ontbreken ondersteuning en zorg

Op veel scholen ontbreekt het aan de juiste ondersteuning, aanpassingen of zorg die nodig is voor kinderen met een beperking om zich te kunnen ontplooien. Na invoering van passend onderwijs in 2014 is de ondersteuning van deze groep leerlingen op reguliere scholen afgenomen. Scholen geven aan te weinig geld te hebben voor begeleiding, omdat de rugzakregeling is afgeschaft. Bovendien hebben ze vaak niet de deskundigheid om op de juiste manier te reageren op de door ouders gesignaleerde problemen in de klas.

Geen toegang regulier onderwijs

Een reguliere basisschool accepteert kinderen met een beperking zolang dit niet te veel aanpassing en ondersteuning vergt. Is dit wel het geval, dan worden kinderen naar het speciaal onderwijs verwezen. Van alle leerlingen met een verstandelijke beperking, zit 80% op een aparte speciale school. Voor kinderen met gedragsproblemen ligt dit percentage op 66%. Scholen voor regulier voortgezet onderwijs stellen een diploma-eis. Het moet vaststaan dat leerlingen in staat zijn het eindniveau te halen. Mbo-scholen weigeren leerlingen als zij inschatten dat de leerlingen vanwege hun beperking na afronding geen betaalde baan kunnen vinden. Voor kinderen met een verstandelijke beperking rest dan alleen nog het praktijkonderwijs, dat geen startkwalificatie oplevert.

Ontheffing leerplicht

De verantwoordelijkheid voor het organiseren van de juiste ondersteuning verschuift vaak naar de ouders. Door de wirwar van regels en instanties kost dat hen veel tijd en stress. Het aantal vrijstellingen van leerplicht voor kinderen met een beperking is na de invoering van passend onderwijs dan ook verder gegroeid. Deze kinderen gaan naar een kinderdagcentrum, een informele zorggroep of blijven thuis. Hun kansen op participatie worden daardoor al in een vroeg stadium van hun leven ernstig beperkt.

Stap naar klacht groot

Weinig ouders zetten de stap om een klacht in te dienen bij de school of bij de Geschillencommissie passend onderwijs (GPO). Ze kennen de procedure niet of hebben geen zin in geruzie rondom hun kind. Ook weten veel ouders niet wat onderwijsconsulenten en samenwerkingsverbanden voor hen kunnen betekenen.

Lees het volledige persbericht over het rapport. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Agnes van Wijnen, projectleider van In1school: 06 24700103 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.