Good practices van passend onderwijs

Good practices van passend onderwijs

Het lectoraat Passend leraarschap heeft een brochure ontwikkeld om leraren, scholen en besturen in het basisonderwijs te inspireren. De brochure ‘Good practices volgens lectoraat Passend leraarschap’ bevat vijf portretten van scholen die op hun eigen manier werken aan passend onderwijs. In dit artikel worden twee portretten van scholen uitgelicht. Aan de overige drie portretten wordt in een volgend artikel aandacht besteed.

VERBONDENHEID

De eerste school die in de brochure wordt belicht is de Rehobotschool in Geldermalsen. Op de Rehobotschool staat het begrip verbondenheid centraal. Het wordt ook wel 'één grote schoolfamilie' genoemd. Er wordt gewerkt en gedacht vanuit de onderwijsbehoeften van het individuele kind. Gekeken wordt naar welk stapje gemaakt of gezet kan worden, in plaats van wat het kind niet kan. Daarbij wordt wel gekeken of het bij de school past.

''De vraag 'wat heeft dit kind nodig?' is belangrijker dan de vraag ‘wat heeft dit kind?'' - Peter Dirksen, Directeur Rehobothschool.


In de school is een Soundfield-systeem beschikbaar voor geluidsondersteuning in lokalen, zodat de stem van de leerkracht twee decibel boven het geluid van de groep wordt getild. Ambulant begeleiders en intern begeleiders staan dicht bij de leerkrachten. De ambulant begeleiders professionaliseren leerkrachten in het omgaan met leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte. Opgedane ervaringen bij externe cursussen worden binnen het team gedeeld. Daarnaast is er een ondersteuningsteam met een orthopedagoog, maatschappelijk werkster en jeugdzorg. Vanuit daar worden ouderbezoeken uitgevoerd en gesprekken met kinderen gevoerd. Er is een behandelaar voor dyslexie aanwezig, een logopedist en kinderfysiotherapie. Vanwege deze maatregelen is er een laag verwijspercentage.

EENHEID IN VERSCHEIDENHEID

Op de Ruitenbeekschool in Lunteren is het bieden van optimale kansen aan kinderen om zich te ontwikkelen het uitgangspunt. De school heeft een brede instroom aan leerlingen en de zorg voor leerlingen met speciale onderwijsbehoeften heeft zich door de jaren heen verder ontwikkeld. De leerkracht staat centraal binnen de school, er is veel aandacht voor de ontwikkeling van leerkrachtvaardigheden. Ook kunnen leraren nascholing volgen en wordt er veel aandacht besteed aan overdracht aan de volgende leerkracht.

''Toen ze in groep 4 zat, heeft het schoolteam een cursus gehad over omgaan met leerlingen met het syndroom van Down. Verder is er veel ambulante begeleiding geweest.'' - Moeder van Karin, oud leerlinge Ruitenbeekschool.


De zorg is gestructureerd en alle extra hulp wordt om de zeven weken geëvalueerd. Een kansklas is ingericht voor leerlingen die meer aandacht nodig hebben op taal- of leesgebied of een taalachterstand hebben. Er wordt gebruik gemaakt van een extern onderwijsteam door ambulante begeleiding op het gebied van gedrag, een fysiotherapeut, orthopedagoog en een schoolmaatschappelijk werker. In de klas wordt begrip gecreëerd voor de zorgleerlingen door aan de andere leerlingen aan te geven wat een bepaalde leerling nodig heeft. Tevens helpen leerlingen elkaar goed.

Bent u benieuwd naar de volledige beschrijving of wilt u alle ‘good practices’ lezen? Lees hier de brochure ‘Good practices volgens het lectoraat Passend leraarschap’.